Bourdalou – Dit is geen sauskom...
Dit is geen sauskom!
Bourdalou
18e eeuw
Fijn steengoed
B 23,5 cm
Schenking van Léonie Jamar in 1939 aan het Archeologisch Instituut van Luik (IAL)
Collectie Grand Curtius, Luik
Inventarisnr. I/39/252
Niets is wat het lijkt: achter dit stuk fijn steengoed gaat een heel andere functionaliteit schuil. Het gaat om een zogenaamde bourdalou, een klein draagbaar damesurinaal voor onderweg, dat in de 17e en 18e eeuw zijn hoogtijdagen beleefde.
De naam is naar verluidt een ironische verwijzing naar de jezuïetenpater Louis Bourdaloue (1632-1704), die aan het hof van Versailles werkzaam was. Hij droeg de bijnaam 'koning der predikers en prediker der koningen' en verwierf vooral bekendheid door zijn boeiende preken in de hofkapel, die vaak meerdere uren duurden. Om tijdens de preek de kerk niet te moeten verlaten om hun 'behoefte' te doen, zouden de hofdames tijdens deze missen dit draagbare urinaal hebben gebruikt. Het discreet onder de hoepelrokken geplaatste urinaal werd vervolgens door ijverige dienstmeisjes in de omgeving van de kerk geleegd.
Volgens dit etymologische verhaal zou de adellijke elite de Bourdalou dus verborgen hebben gehouden, maar toch in het openbaar hebben gebruikt. Dit werd onder andere mogelijk gemaakt door een kledinggebruik uit die tijd: de kruisnaad van damesonderbroeken was namelijk tot in de 19e eeuw open, waarna de bourdalou geleidelijk uit de mode raakte.
Het voorwerp is dus een getuigenis van de ontwikkeling van mobiel hygiënemeubilair naar vaste badkamers tussen de 18e en het begin van de 20e eeuw.
Vandaag is er over de bourdalou en het gebruik niet veel gekend, aangezien de officiële teksten uit de tijd er met geen woord over repten. Een studie van de dagboeken uit die tijd zou misschien meer duidelijkheid kunnen verschaffen. Des te verbazingwekkender is het dat een van de grootste kunstenaars van de 18e eeuw zich zo expliciet met dit onderwerp heeft beziggehouden. François Boucher (1703-1770) maakte het in 1760 tot het hoofdonderwerp van zijn schilderij ‘La Toilette intime’ (‘Het intieme toilet’).
Dankzij zijn langwerpige vorm en de versmalling in het midden is de bourdalou perfect aangepast aan de vrouwelijke lichaamsbouw. De opgetrokken uiteinden en de naar binnen gebogen rand voorkomen spatten op de kleding. Een handvat vergemakkelijkt bovendien het gebruik. Sommige modellen zijn ook voorzien van een deksel. Afhankelijk van haar financiële middelen gebruikt de eigenares een urinaal van gewoon aardewerk of een luxe variant van delicaat, rijkelijk versierd porselein. Er zijn ook exemplaren van metaal of zelfs van zilver.
Net als veel andere regionale aardewerkvoorwerpen draagt ook de bourdalou van het Grand Curtius geen fabricagemerk. De stijlanalyse wijst echter op fabrikanten als Boch-Septfontaines of mogelijk Luik. Daar werd een decoratie gevonden van blauwe bloemen die geknoopte slingers vormen.
Carmen Genten
Conservator van de afdeling decoratieve kunst, Grand Curtius
La Toilette intime
Rond 1760
Olieverf op doek
Privécollectie / Alle rechten voorbehouden
Locatie
Het tentoongestelde stuk is te zien in de vitrine van het voorwerp van de maand. Inkomhal van het museum Grand Curtius in Luik.
Bijschriften
Bourdalou – Museum Grand Curtius / Luik. © Stad Luik – Grand Curtius
